Een integrale benadering voor de ontwikkeling van een duurzame professionele kwaliteitscultuur

De voorbereiding op accreditatie- en inspectiebezoeken kost onderwijsinstellingen in de regel veel tijd, geld en stress. De Roo introduceert een nieuwe integrale benadering voor de ontwikkeling van een duurzame professionele kwaliteitscultuur. Kenmerkend zijn: de holistische aanpak, waardengerichtheid, de 21e eeuwse vaardigheden en de interactie van de harde en zachte kant. De essentie is de ontwikkeling van een kwaliteitscultuur, waarbij de opleiding altijd Accreditatie- en Inspectieproof is.

UITGANGSPUNTEN
De methodiek ‘Accreditatie- en Inspectieproof’, afgekort A&I-proof, is ontwikkeld door Desiree Simons (de Roo) en Lia van den Berg (Accordance Consultancy). In de methodiek staan de volgende uitgangspunten centraal:

  • De nieuwe benadering sluit aan bij de ontwikkelingsfase van een organisatie, is ondersteunend aan de ontwikkeling van ‘future-proof’ onderwijs en de professionalisering van de medewerkers. Onderwijsteams gaan vanuit intrinsieke motivatie en waarden zelf een kwaliteitsslag maken en leren deze ook vitaal te houden. Het gevolg hiervan is een minder stressvolle periode in de aanloop naar een visitatie.
  • De methodiek biedt mbo-instellingen een manier om binnen het vierjaarlijks onderzoek van de inspectie het aspect professionele kwaliteitscultuur zichtbaar te maken. Dit geldt ook voor hbo-opleidingen binnen de zesjarige accreditatiecyclus.
  • Het bieden van een mogelijkheid om een visitatie in het hbo anders te laten verlopen, waarbij onafhankelijkheid van het evaluatiebureau wordt gegarandeerd.
  • De toepassing van de methodiek doorbreekt de afhankelijkheid van een inspectiebezoek of visitatie en de daarmee gepaard gaande kosten.

VIJF KENMERKEN VAN DE METHODIEK A&I-PROOF

1. 21e eeuwse vaardigheden
Door de introductie van de 21e eeuwse vaardigheden als referentiekader naast de geldende kwaliteitsstandaarden, kan geduid worden in welke ontwikkelingsfase een individu of team zich bevindt. Dit is faciliterend voor het zelfsturend vermogen van een individu of team. De term 21e-eeuwse vaardigheden wordt de laatste jaren steeds vaker gebruikt in relatie tot de vraag wat jonge mensen van nu moeten leren, om zich te kunnen redden in de nog onbekende toekomst. Dit geldt ook voor de docenten en ondersteuners die invulling moeten geven aan toekomstgericht onderwijs.

2. Holistisch aanpak
De ontwikkelingsfase wordt met name zichtbaar door het gebruik van rubrices op de 21e eeuwse vaardigheden. Deze dekken meer dan volledig de standaarden van inspectie of NVAO. Omdat de benadering ontwikkelingsgericht is, hoeft er niet op alle aspecten minimaal voldoende te worden behaald. De opleiding laat zien dat ze weet waar ze staat. De waarden, strategie en beleid en de vertaling naar betekenis van onderwijs en werkwijze zijn zichtbaar in het handelen en de borgingsdocumenten van de opleiding.

3. Waardengerichtheid
De waardengerichtheid staat centraal. Dit wordt gevisualiseerd via het Onderwijskompas. Vanuit de waarden van de organisatie wordt betekenis gegeven aan de missie, visie en strategisch beleid. De waarden worden vertaald in gedrag waarop de studenten worden beoordeeld en dit geldt ook voor medewerkers en docenten. Dit speelt ook een rol in het maken keuzes, stellen van prioriteiten en bij de reflectie op het onderwijs. Tijd voor reflectie is van belang, omdat dit nodig is om te kunnen leren en de organisatie te laten groeien naar een volgende fase van ontwikkeling.

4. Interactie harde en zachte kant
In de gangbare systematiek ligt de nadruk voor de beoordeling van het onderwijs in de regel op de harde kant. Het management stuurt vooral op rendementen, financiën en studententevredenheid. De methodiek A&I-proof behelst een meer procesmatige- en ontwikkelingsgerichte benadering, gevoed door de waarden en missie/visie van de organisatie en vertaald in een teamplan. Dit geeft aanleiding voor vertrouwen, zonder dat alle resultaten op het gewenste niveau hoeven te liggen. Door de audit te gebruiken om dit proces zichtbaar te maken en meer aandacht bij de opleiding te vragen voor ontwikkeling en reflectie en dit continue te borgen, levert de methodiek een bijdrage aan een duurzame ontwikkeling.

5. Professionele kwaliteitscultuur
Bij een professionele kwaliteitscultuur die ‘bottom-up’ in gang gezet wordt geldt dat iedereen een bijdrage levert aan de visie en doelstellingen van de school. Het kwaliteitsaspect richt zich op alle aspecten van de integrale aanpak, jezelf zijn, professional-, teamlid- en organisatielid zijn. Dit wordt geïllustreerd met het Onderwijskompas. Het onderscheid maakt dat keuzes van individu en team zichtbaar- en ook congruent aan elkaar gemaakt kunnen worden. Dit vraagt vertaling van de waarden van de organisatie naar het niveau van het team en de individuele professional.

CONDITIES VOOR DE ONTWIKKELING VAN ‘FUTURE PROOF’ ONDERWIJS

Conditie 1: De ontwikkeling van een professionele kwaliteitscultuur

Het ontwikkelen van een professionele kwaliteitscultuur die dienend is voor de ontwikkeling van toekomstgericht onderwijs.

Een belangrijke meerwaarde in de aanloop naar de voorbereiding op een audit, in welke vorm dan ook, is dat de opleiding in gesprek gaat over ‘hoe doen we het eigenlijk’. Door in gesprek te gaan met een buitenstaander die ‘andere vragen stelt’, ontstaan nieuwe inzichten en kan er soms een kwaliteitssprong gemaakt worden. Zo krijgt een team meer scherpte ten aanzien van de visie en het ontwikkelperspectief.
Werken aan een professioneel werkklimaat brengt met zich mee dat docenten en medewerkers eigenschappen als veerkracht en zelfsturing ontwikkelen. Juist in de nieuwe methodiek komen de aandacht voor waarden, intrinsieke motivatie en de ‘beweging’ die onderwijsteams doormaken veel meer voor het voetlicht door in de dialoog de 21e eeuwse vaardigheden te betrekken.

Conditie 2: De leeromgeving

Een leeromgeving waarin werkend leren en lerend werken gevoed wordt door actieonderzoek.

Om snel en flexibel in te kunnen spelen op de branche en de actualiteit is het van belang een adaptief- en ‘future-proof’ onderwijsmodel te kiezen/ontwerpen. Hierbij zal een beroep gedaan worden op andere ‘skills’ van alle medewerkers (inclusief management). Bij de vernieuwingen zal er sprake zijn van een creatief proces in co-creatie met de branche, studenten, practoraten en/of lectoraten en andere stakeholders.

Het ‘bottum up’ vormgeven van een verandering door het management bevordert het eigenaarschap en de betrokkenheid van medewerkers. ‘Willen, kunnen en durven’ en de professionaliteit van het docententeam staan op de voorgrond.
Door toepassing van de ‘Triple Proces Structure’ van actie-onderzoek (Schuiling en Kiewiet, 2016), zullen ontwikkelingen van een docententeam gevoed worden door onderzoekskennis en evidenced-based kennis. In deze benadering van actieonderzoek wordt tijdens het (werk)proces gebruik gemaakt van verdiepende reflectie en feedback van professionals in de buitenkring van de opleiding en van onafhankelijke externen.

FASERING

De methodiek A&I-proof is opgebouwd uit drie fases:

1. Diagnose- of 0-fase;
2. Ontwikkelfase en
3. Visitatiefase.

In de start- of 0-fase vindt een audit en verdieping met het team plaats, waarbij de basis gelegd wordt voor het ontwikkeltraject. In de ontwikkelfase wordt via een integrale aanpak en m.b.v. het Onderwijskompas gewerkt aan de ontwikkeling van een duurzame professionele kwaliteitscultuur. Daarna volgt de visitatie- of inspectiefase waarin de opleiding kan laten zien dat zij ‘in control’ is en hoe zij werkt aan de realisatie van haar ambities

Accreditatie

Voor de uitvoering van de methodiek A&I-proof biedt de Roo:
– Een team van ervaren adviseurs en auditoren die getraind zijn in de methodiek;
– Een flexibel aanbod: afhankelijk van uw vraag kunnen een of meerdere fases afgenomen worden;
– Transparante prijsafspraken die niet te vergelijken zijn met de kosten van de gangbare systematiek.

Voor verdere informatie kunt u contact opnemen met Désirée Simons – dsimons@deroo.nl

Désireé Simons

Wilt u dat Désireé Simons u terugbelt?

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Menu
De Roo